Een juiste match tussen mens, organisatie en functie is essentieel om de doelstellingen van de...
Voor informatie hieromtrent verzoeken wij u contact op te nemen met drs. R.A. Wassmer. Zie
Onze organisatieadvisering kenmerkt zich door een grote betrokkenheid in combinatie met een heldere...
Professionals, managers en directieleden blijken steeds meer baat te hebben bij een persoonlijke...
Selectiepsychologen Holtrop op BNR: “HBO/WO-opgeleid zijn geen probleem voor franchisers, zolang je maar geen last hebt van je titel”
Haarlem, 8 november 2011 – Er liggen mooie carrièrekansen voor HBO en WO-opgeleiden in franchising, stellen arbeidspsychologen Ruud Wassmer en Frank van Veen van bureau Holtrop uit Haarlem. Op vrijdag 4 november waren zij te gast bij BNR Nieuwsradio. In het programma ‘Zaken Doen Met...’ werden zij door presentator Paul van Liempt bevraagd over de kwaliteiten die franchisers succesvol maken. Voor het terugluisteren van de uitzending: klik hier Binnenkort organiseert Holtrop een mini-roundtable over “Franchising, de vergeten arbeidsmarkt”.
BNR-presentator Paul van Liempt: “Eigen ondernemer zijn en toch kunnen rekenen op de support van een moederbedrijf dat is in een notendop het franchisemodel. Dat is niet interessant vinden veel hoogopgeleiden, maar hebben ze daar gelijk in? Is het juist interessanter dan ze denken? Ik ga daarover praten met 2 bedrijfspsychologen van het bureau Holtrop die franchisenemers selecteren. Hun namen: Frank van Veen en Ruud Wassmer.”
Verkeerde associaties
Van Liempt: “Ja even de definitie van franchising: ondernemen, waarbij alle sores uit handen wordt genomen door de franchisegever. Tenminste als ik het zo mag samenvatten. Er worden dus heel veel lasten van je schouders genomen. Welke lasten vooral?” Ruud Wassmer van Holtrop: “Nou,vooral marketing, logistiek, inkoop. Dat zijn zaken die er vaak bij horen en heel belangrijk zijn, maar in de formule van franchisegever staat hiernaast vaak ook opleiding centraal. Dus je kunt als het ware (en dat is een hele aardige opstap voor beginnende ondernemers) opgeleid worden tot ondernemer. Dat is het mooie van de formule.” Van Liempt: “Dus de begeleiding en opleiding zit er ook bij. Ideaal voor de startende ondernemer. Maar toch, de hoger opgeleiden, die kennen dit verhaal waarschijnlijk ook al. Die horen dit misschien nu voor een tweede keer en denken: Ja, ik weet het wel, maar toch wil ik het niet. Zij kijken er misschien zelfs een beetje op neer. Die verhalen kennen jullie ook...” Wassmer: “Ja, er wordt vaak met een zeker dedain op franchising neergekeken, zoals dat heet. Dat klopt wel, maar vaak zijn het verkeerde associaties. Het heeft dus met associaties te maken. Een psychologisch begrip. Wij zijn psychologen dus ik zeg dat even zo. Franchising heeft vaak de associatie van: hard werken, weinig geld verdienen en vuile handen maken. Het eerste en het derde is ook zo. Je moet hard werken, je moet vuile handen maken, je staat tussen je mensen, je doet mee, je geeft het goede voorbeeld, je leidt je mensen ook vaak daardoor op. Maar de verkeerde associatie is ‘weinig geld
verdienen’, je kunt wel degelijk veel geld verdienen, maar je moet het goed doen. De slechte verdieners, ja, die doen het niet zo goed.”
Vuile handen, veel verdienen
Van Liempt: “Maar je moet echt meedoen, hè? Vuile handen maken is simpel gezegd: dozen sjouwen. Ja, en dan is de term die hoogopgeleiden dikwijls gebruiken: Daar ben ik niet voor opgeleid. En jullie zeggen: dat slaat nergens op. Het is een onderdeel van je vak en je kunt wel degelijk veel verdienen als franchisenemer. Maar dan wil ik graag voorbeelden. Waar kun je dan, als je dit doet (de handen uit de mouwen) veel verdienen als franchisenemer? In welke sectoren?” Frank van Veen van Holtrop: “Nou, wat natuurlijk erg bekend is, is de foodsector. New York Pizza en de franchiseketen McDonald’s zijn daar voorbeelden van. Wat op zich heel interessant is: wij doen veel assessments voor management trainees voor grote bedrijven zoals Pon en Achmea. En dan spreken we met kandidaten met een HBO/WO achtergrond – afgestudeerden in Economie of Bedrijfskunde bijvoorbeeld. Die willen allemaal én een commerciële functie én daarnaast ook managen. Nu, als er een omgeving is waar je goed beide dingen kan doen dan is dat natuurlijk in een franchiseomgeving. Daar moet je managen vanaf dag één. Al is het alleen al om je eigen brood te verdienen. Het grote verschil tussen managen in grote bedrijven en managen in franchise is echter dat je in franchising ook echt de hands-on manager moet zijn en bovenop die kosten moet zitten. Een management traineeship is toch vaak toch een soort van verlengde van de opleiding.”
Van fiscalist tot pizzabakker
Van Liempt: “Dus als ik jullie goed beluister, is het voor jullie bijna een missie. Jullie willen zo graag van de hoog opgeleide mensen met HBO/WO achtergrond franchisenemers maken. Waarom eigenlijk?” Wassmer: “Die komen we nog te kort in de franchise-organisaties. We komen ze te weinig tegen om het zo maar te zeggen. En dat terwijl het een volwaardig bedrijf is. Je leidt als franchise- ondernemer een volwaardig bedrijf. Iets wat klein is en wat bij jezelf start, maar dat heel kan groot worden. Een befaamd voorbeeld is natuurlijk, en de naam is al genoemd, New York Pizza. Meneer Vorst is in zijn eentje begonnen met 1 firma of 1 vestiging en die heeft er nu 150. Dus het kan heel succesvol zijn.” Van Liempt: “Maar dan begin je op die manier als ondernemer en dan ben je inmiddels geen franchisenemer meer, dan ben je de grote jongen.” Wassmer: “Inderdaad, in dit voorbeeld is de ondernemer franchisegever geworden.” Van Veen: “Wat misschien aardig is om te noemen: een jaar of twee geleden had ik een kandidaat voor New York Pizza. Het ging om een franchisenemer voor een vestiging. Dat is wat wij doen. Wij doen assessments en de geschiktheidbepaling van franchisers. Deze kandidaat was een fiscalist. Een man die is afgestudeerd in Rotterdam. Hij werkte bij een van de grote vier accountantskantoren en werd op een ochtend wakker en dacht: Is dit alles? Hij had een vriend die tijdelijk in problemen zat en toen heeft hij die zaak overgenomen. Een zaak met 6 à 7 man personeel. En die jongen vond dat zo ontzettend leuk dat hij is gestopt als fiscalist. Zijn omgeving verklaarde hem voor gek. Maar het ging ontzettend goed. In no- time had hij drie zaken erbij. Inmiddels heeft hij verschillende zaken weer verkocht en nu runt hij drie grand cafés in Amsterdam. Waarbij hij waarschijnlijk een inkomen heeft dat vele malen hoger is dan destijds als fiscalist.”
Eigenschappen van topperformers
Van Liempt: “Ja, dit klinkt ook als een geweldig verhaal natuurlijk. Maar nogmaals, zijn dit niet alleen maar uitzonderingen?” Van Veen: “Nee. De crux is toch (en dat is eigenlijk het onderscheid tussen een bedrijfsleider en franchiser) dat de bedrijfsleider op de payroll staat en dat de franchiser daarentegen in zijn eigen lokale omgeving zijn eigen business moet draaien. En daarin zit ‘m nu net ook het verschil in ondernemerschap en commercialiteit. Het zit ‘m voor een groot deel ook echt in de verantwoordelijkheid die je moet nemen voor je eigen winkel.” Van Liempt: “Noem nog eens een paar eigenschappen (want je hebt er al een paar genoemd) waar je echt goed in moet zijn. Waar moet je als franchiser in uitblinken als je dit vak wilt gaan uitoefenen?” Van Veen: “Uit een onderzoek dat wij vorig jaar hebben gedaan naar de top tien franchisers van New York Pizza, blijkt een aantal criteria onderscheidend te zijn. Ik wil daar graag vier van noemen. Eén is echt een sterk ontwikkeld verantwoordelijkheidsbesef. Dus dat je het gevoel hebt dat jij alleen verantwoordelijk bent voor het slagen of mislukken van je business. Twee is (Ruud heeft het net al gezegd): hard werken is echt noodzakelijk. Wij zeggen wel eens: even geen privéleven, de eerste jaren. Daarnaast (drie): bovenop de kosten zitten. Dus echt strak sturen op die kosten. En vier (en dat zeggen we niet voor niets, want dat is een natuurlijk een beetje ons vak): door blijven selecteren. Dus op het moment dat er mensen in je zaak zitten die onvoldoende goed met klanten omgaan, die disperformen... dan moeten die worden ingewisseld voor betere. Ook dat is noodzakelijk om te kunnen blijven bestaan.”
Ondernemerschap herkennen als vak
Van Liempt: “Sommige mensen zullen nu denken: Ja wacht eens even... dat is nogal een eis die je aan je wordt gesteld. De komende jaren geen privéleven... Dat is nogal wat. Ik bedoel, zou u dat doen, als ik tegen u zeg: Meneer Wassmer, bedrijfspsycholoog mag u worden bij ons, maar twee jaar geen privéleven.” Wassmer: “Dat kan. Wij zijn zelf ook ondernemers. Frank en ik zijn ondernemers, dus we weten wat dat is. En wij weten, net als bij wijze van spreken iedere ondernemer, waar het geld vandaan komt om het zo maar te zeggen. En dat is met name ook van de klant. Vanochtend had jouw collega Humberto Tan, mevrouw De Borst van de FEBO in zijn programma. En wat noemde zij als eerste goede kwaliteit van een ondernemer? Dat is klantvriendelijkheid. Je moet je klanten kennen, je moet je verzorgingsgebied goed kennen. En je klanten je verzorgingsgebied kennen is bovendien nog heel erg rewarding ook.”
De funfactor in franchising
Van Liempt: “Sommige mensen met die HBO/WO achtergrond willen dat dan ook wel. Dat heeft de opleiding in zich. Het zijn slimme mensen die ergens een stempel op willen drukken. Dan denk je: Dat kan niet als franchiser. Maar dat kan dus juist wel, denk ik?” Wassmer: “Ja, dat kan juist wel.” Van Liempt: “Zullen we een kledingzaak als voorbeeld nemen? Dan maakt het natuurlijk wel uit in welke buurt je bijvoorbeeld zit. Een goede franchiser past zich aan zijn klanten. Ook in zijn specifieke omgeving...” Wassmer: “Dat klopt. Je zit natuurlijk aan de formule vast, dat wel, maar daarbinnen heb je toch veel vrijheid. Juist omdat je je eigen verzorgingsgebied hebt.” Van Liempt: “Daar hoor ik franchisers wel eens over klagen... Want daar gaat het nou net om hè, die speelruimte. Hoe groot is die? Laat ik weer het voorbeeld van de kledingzaak nemen; als je nou een speelruimte van 5% hebt, dan kan je bijna niets toevoegen. Dan kan je in een gewone, gemiddelde zaak bijvoorbeeld één hele mooie, dure leren jas in een hoekje hangen. Dat is dan zo ongeveer de enige speelruimte die je hebt.” Wassmer: “Nee, dat is niet zo. Je kunt wel degelijk accenten leggen en je kunt er weldegelijk je eigen winkel van maken. Het moet wel binnen de formule blijven, maar je hebt toch behoorlijk wat ruimte om het zodanig in te richten dat je een aantrekkelijke winkel hebt. Vaak is het ook een kwestie van visueel inrichten. En het gaat er dan vooral ook om dat je weet welke klanten er bij je in de winkel komen en waar die gevoelig voor zijn. En natuurlijk is ook de behandeling van klanten een onderscheidende factor. Hoe behandel jij je klanten? Waar zijn zij gevoelig voor? Er zijn genoeg mensen die persoonlijk voor een ondernemer komen. Die gaan juist bij die specifieke winkel hun spullen kopen.” Van Liempt: “Dat maakt het nog moeilijker voor die ondernemer! Tachtig uur per week moet hij er gewoon staan en heeft hij helemaal geen privéleven meer! Hoewel sommige mensen dat soms juist weer een voordeel vinden...” Van Veen: “Als je met die ondernemers spreekt, merk je hun bevlogenheid. De funfactor die ze hebben. En dan maken 35 of 40 uur niet uit. Want op het moment dat het je eigen business is, lopen zaken en privé door elkaar...”
Van Liempt: “De vraag bij HBO/WO opgeleide mensen ook vaak leeft, is of ze carrière kunnen maken. Hoe groot is de kans om carrière te maken als franchiser?” Van Veen: “Die is groot, maar het ligt sterk aan jezelf. Ik zeg wel eens zo: Het is prachtig als een je HBO/WO denk-, werk- en opleidingsniveau hebt, maar je moet tegelijk ook geen last hebben van je titel. Dus je mag best bachelor, master of doctorandus zijn, als je maar wel van het begin af aan ook die bedrijfsleider bent die meehelpt als het druk is. Want alleen dan krijg je het in je vingers. En dan zie je ook dat mensen dit aspect niet op school hebben meegekregen. Noch op HBO, noch op WO instituten. Die funfactor. Dat ze denken: Kijk, dit is hartstikke leuk! En dan ook nog heel bevlogen over dat franchiserschap kunnen praten...”
Mini roundtable
Bureau Holtrop organiseert binnenkort tenminste één mini-roundtable onder de titel “Franchising, de vergeten arbeidsmarkt”. Onder andere franchisegevers, franchisenemers en HBO/WO-studenten zullen onder leiding van Ruud Wassmer en Frank van Veen dieper in gaan op de succesfactoren en carrièrekansen binnen franchising.
—————————
Noot voor de redactie:
Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Ewold de Bruijne van Brightmen and Coolwords, bureau voor strategische communicatie
Tel. 06 - 182 603 52
E-mail: ewold@bmcw.nl
Over Holtrop
In de markt voor arbeidsbemiddeling in Nederland neemt Holtrop een bijzondere positie in. Het oudste bureau in Nederland op het gebied van psychologische assessments, richt zich naast werving meer nog op selectie van kandidaten voor specifieke functies en organisatieadvies. Over het algemeen gaat het bij deze selectieactiviteiten om (hogere) managementfuncties en specialistische functies ten behoeve van opdrachtgevers in de retail, handel, industrie, zakelijke dienstverlening en gezondheidszorg. De arbeids- en organisatiepsychologen van Holtrop zijn zelf ondernemers. Zij voeren vanuit een klinische blik assessments uit en adviseren onafhankelijk en objectief over kandidaten, organisatiestructuur en bedrijfsstrategie in relatie tot de omgeving. Het bureau staat bekend om zijn kernachtige en scherpe oordeel en een no-nonsens aanpak met aandacht voor persoonlijke chemie.
